Je zet een prachtige mand klaar met houten blokken, poppetjes, gekleurde schijfjes en wat dennenappels. Helemaal Pinterest-proof. Je kind komt eraan, kiepert alles op de grond, kijkt er drie seconden naar en vraagt: “Maar wat moet ik hiermee doen?”
Of nog beter: het loopt gewoon weg en haalt die ene brandweerwagen boven waarmee het al drie weken exact hetzelfde spelletje speelt.
Herkenbaar?
Rond open-eind speelgoed hangt soms het idee dat kinderen er vanzelf eindeloos creatief mee zullen spelen. Dat je hen alleen maar de juiste materialen hoeft te geven en hun fantasie vervolgens automatisch de rest doet. Zo eenvoudig is spelontwikkeling niet.
Als kinderpsycholoog vind ik open-eind speelgoed ontzettend interessant. Maar niet omdat het zogenaamd beter speelgoed zou zijn. Wel omdat het kinderen iets biedt wat veel speelgoed minder biedt: ruimte om zelf te bepalen wat iets is, wat ermee gebeurt en wanneer het spel klaar is.
Die vrijheid kan heel waardevol zijn maar vrijheid vraagt soms ook ondersteuning.
Eerst: wat is open-eind speelgoed?
Open-eind speelgoed is eigenlijk speelgoed zonder één vastgelegd einddoel. Er is niet één juiste manier om ermee te spelen.
Een puzzel is bijvoorbeeld vrij duidelijk: de bedoeling is dat de stukjes uiteindelijk op de juiste plaats liggen. Een speelgoedgarage heeft meestal ook al veel van het verhaal voor je kind bepaald: hier rijden auto's binnen, daar worden ze getankt en via de lift gaan ze naar boven.
Als je je kind een verzameling blokken geeft dan kunnen die vandaag een garage worden, morgen een dierentuin en een halfuur later eten voor een knuffelbeer.
Bij open-eind speelgoed bepaalt niet het materiaal het verhaal. Je kind bepaalt het verhaal.
Onderzoekers gebruiken in dit verband ook vaak de term loose parts: losse materialen die kinderen kunnen verplaatsen, combineren, uit elkaar halen en telkens opnieuw een andere betekenis kunnen geven. Dat kunnen echte speelmaterialen zijn, maar evengoed kartonnen dozen, stenen, lapjes stof, doppen of takken.
Wat valt er dan onder open-eind speelgoed?
Veel meer dan je misschien denkt. Denk bijvoorbeeld aan:
- houten of kunststof bouwblokken
- magnetische tegels
- LEGO en Duplo
- houten plankjes
- speelzijde, doeken en dekens
- poppetjes en dierenfiguren
- poppenhuizen zonder sterk voorgeschreven scenario
- verkleedkleren
- klei en plasticine
- zand en water
- kartonnen dozen en kokers
- stenen, schelpen, takken en bladeren
- kommetjes, lepels, bakjes en trechters
- auto's die gecombineerd worden met andere materialen
- knutselmateriaal zoals papier, tape, karton, wol en stickers
- En nog zoveel meer...
Vooral zogenaamde loose parts zijn interessant omdat één voorwerp ontzettend veel functies kan krijgen.
Maar eigenlijk bestaat er niet zoiets als een strikte categorie 'open-eind speelgoed'. Open-eind gaat niet alleen over wát je koopt. Het gaat vooral over hoe speelgoed gebruikt kan worden.
Je hoeft dus echt niet je halve speelgoedkast te vervangen door houten regenbogen en mandjes met dennenappels. Een doodgewone speelgoedauto kan perfect onderdeel worden van open-eindspel.
Zet die auto alleen op een plastic racebaan waarop hij telkens hetzelfde rondje rijdt en de mogelijkheden zijn relatief beperkt. Leg dezelfde auto naast blokken, een rol schilderstape, enkele dieren en een kartonnen doos en er kan ineens van alles gebeuren.
Het speelgoed is hetzelfde. De speelruimte is veranderd.
Zo maak je 'gewoon' speelgoed meer open
Je kunt bijna ieder favoriet speelgoed gebruiken als vertrekpunt.
- Speelt je kind graag met auto's? Voeg blokken, karton, tape of dieren toe.
- Speelt je kind graag met een poppenhuis? Leg er enkele neutrale figuren, lapjes stof of losse blokjes bij. Een blokje kan een bed, tafel, verjaardagstaart of televisie worden.
- Is je kind gek op dinosaurussen? Combineer ze met klei, stenen, water of blokken. Plots kun je een vulkaan maken, voetafdrukken zoeken, een rivier bouwen of een ziekenhuis voor gewonde dinosaurussen openen.
Zelfs speelgoed met een heel duidelijke functie kan dus een ingrediënt worden binnen een veel opener spel.
Dat sluit ook aan bij wat we in de ontwikkeling van fantasiespel zien. Naarmate fantasiespel complexer wordt, kunnen kinderen voorwerpen steeds makkelijker een andere symbolische betekenis geven: een stok wordt een paard, een blok wordt een telefoon en een voorwerp kan gedurende hetzelfde spel zelfs verschillende betekenissen krijgen.
En dat is een belangrijke stap in spelontwikkeling.
Waarom is dat interessant voor de ontwikkeling?
Wanneer een kind met open materiaal speelt, krijgt het voortdurend kleine vraagstukken voorgeschoteld.
“Hoe krijg ik deze toren hoger zonder dat hij valt?”
“Deze auto past niet door mijn tunnel. Wat nu?”
“Ik heb geen bord voor mijn restaurant. Wat kan ik gebruiken?”
“Mijn dierentuin heeft een hek nodig.”
Dat lijken banale speelproblemen.
Maar ondertussen moet een kind observeren, iets proberen, merken dat het niet werkt, een idee aanpassen en opnieuw proberen.
In onderzoek naar loose parts worden daarom verbanden gelegd met onder andere probleemoplossend denken, redeneren, creativiteit en vroege STEM-vaardigheden. Tegelijk is het belangrijk om daar geen wonderclaims van te maken: het onderzoek naar specifieke ontwikkelingsvoordelen van loose parts is nog groeiend en niet ieder kind reageert hetzelfde op hetzelfde materiaal.
Ook fantasiespel wordt interessant wanneer verhalen complexer worden. Een kind moet onthouden wie welke rol heeft, wat er eerder gebeurd is en welke regels binnen het zelfbedachte verhaal gelden. Onderzoek bij kleuters vindt samenhang tussen de complexiteit van fantasiespel en vaardigheden rond zelfregulatie.
Maar voor mij zit de waarde van open spel niet alleen in wat een kind ermee zou kunnen leren. Spel hoeft niet voortdurend vermomd onderwijs te zijn. Vrij spel heeft juist waarde omdat het kind invloed krijgt.
Ik bepaal wat dit is.
Ik bepaal wat er gebeurt.
Ik mag mijn idee veranderen.
En er bestaat niet één juist antwoord.
Die autonomie en flexibiliteit zijn kenmerkende onderdelen van vrij spel.
Open-eind speelgoed is dus speelgoed dat niet bepaalt wat je kind ermee móét doen. Maar de echte kracht zit vaak in de context errond. Een paar blokken op zichzelf spreken niet ieder kind aan; combineer ze met favoriete auto’s, dieren, poppetjes, klei of een kartonnen doos en er ontstaan plots veel meer mogelijkheden.
Zo hoeft open-eind spel niet te beginnen met volledig vrij fantaseren, maar kan het groeien vanuit speelgoed waar je kind al graag mee speelt.